Terug naar de startpagina. Oude Raadhuis met torentje en bordes uit 1806. werd als raadhuis tot 1963 en sinds 1990 gebruikt als huisvesting voor de Heemkundekring en VVV. Heilige Luciakerk, neogotische kerk uit 1859 gebouwd door H.J. van Tulder. Brits militaire begraafplaats en laatste rustplaats voor 665 Britse 
		militairen Televisietoren Mierlo is een 105 meter hoge zendmast uit 1957. Kasteelboerderij aan de Kasteelweg uit omstreeks 1700 behoorde oorspronkelijk
 bij Kasteel Mierlo. De huidige standerdmolen zou gebouwd zijn in 1640 en stond op het hei-eind. In 1858-1860 werd de molen overgeplaatst naar de dorpskern van Mierlo. Patronaatsgebouw uit 1914, het familiewapen bevindt zich boven de ingang.
        Kasteel Myerle, informatie Lettertype verkleinen    Lettertype herstellen     Lettertype vergroten    
De Zwarte Ruiter

Hans Gruijters, alias De Zwarte Ruiter.


Hans Gruijters,

geboren te Boekel op 28 april 1925
overleden te Rumpt op 24 oktober 1980.

Hij was het twintigste kind uit een gezin met 21 kinderen.



(fragment uit zijn bidprentje)


Schurk of eerlijke boef?
Al Capone of Salvatore Giuliano?
Moordenaar of kruimeldief?

Wie het weet mag het zeggen !


Op school haen we het altijd over de Zwarte Ruiter. De krante stonde der ‘s mèreges vol van. Hedde da gelèze van de Zwarte Ruiter? Die kwam uit Mierlo-Hout en hij handelde in perd en wages. Het kos goe zijn dé jullie vadder der nog mi gehandeld hi. Hij smokkelde ook botter. Hij ha in Dinther ingebroke bij den Burger. Hij krig de brandkast niet ope, en toen hid ie die in unne kreuge meegenomme naor de Aa. Daor hed ie de brandkast mi veul moeite ope gekrigge. En d’r zaat heulemaol niks in! In ut café waare ze wel blij mi um, hij gaf geriggeld een rondje. Ook vur de keinder uit de buurt waar ie hul goe. Uiteindelijk is ie opgevat dur de pliessie in een café in Tilburg. Hij ha un pistool en unne stengun bij um, mer ie liet z’n eige zo mer vatte, hij ha die dinge nie gebruikt.

  
Hans had geen gemakkelijke jeugd. Hij kwam uit een groot gezin waarin een duidelijke vader figuur ontbrak. Hij kwam terecht in de opvoedingsgestichten. En ook kreeg hij nog te maken met de ontberingen van de tijd vóór en in de Tweede Wereldoorlog. Na de oorlog trouwde hij met een meisje uit Mierlo-Hout, waar hij toen ook ging wonen, en stortte zich direct op de wildste vorm van smokkelarij, met beschietingen en achtervolgingen. Hij smokkelde sigaretten en koffie naar Duitsland en paarden naar België. De smokkel leverde hem aardig wat op, om dat geld wit te wassen had hij als dekmantel een handel in tweedehands auto’s. Hans had geld zat en liet daar iedereen in zijn omgeving van mee profiteren. Hij was gul in de cafés, trakteerde de kinderen in de buurt en gaf veel geld aan goede doelen De politie kreeg op de smokkelarij steeds beter vat, waardoor Hans noodgedwongen moest overstappen naar een andere handel. Hij specialiseerde zich in inbraak. Met de politie constant op zijn hielen hing hij steeds openlijker de ongrijpbare bandiet uit. Het werd een volksheld die buurtkinderen met zijn pistool liet spelen. Als de mensen in zijn buurt al wisten hoe hij zijn geld verdiende, dan hielden ze hun mond, want de meesten werden beter van zijn activiteiten. In 1952 had hij een zodanige financiële nood, dat hij moest aankloppen bij het Armenbestuur. De mensen in Mierlo-Hout snapten niet zo goed dat hij zijn financiële ondersteuning in luxe grote Amerikaanse auto's kwam ophalen. Voor Hans was dat het signaal om meer actief te worden in het plaatselijke dorpsleven o.a. door zijn bijdrage aan de Kersenfeesten in Mierlo.

Hoe hij precies aan zijn bijnaam gekomen is, is wat onduidelijk. Was het zijn voorliefde voor de kleur zwart? Hij kleedde zich graag in het zwart, had zwarte haren en een voorkeur voor donkere grote auto’s. Of was het zijn verschijning op het Kersenfeest in Mierlo? Hij verscheen er te paard schietend met een klappertjespistool en gekleed in een lange zwarte lederen jas en zwarte laarzen. Of is hij vernoemd naar het café van zijn broer dat De Zwarte Ruiter heette?

klik op de foto voor vergroting.


Het Vrije Volk, 16 november 1954.
De Telegraaf, 16 november 1954.
De Waarheid, 17 november 1954.
De Telegraaf, 3 januari 1955.

Het ging mis op 15 november 1954 op het postkantoor in Ravenstein.

Met een brandstichting in een boerenschuur in Neerlangel had De Zwarte Ruiter de politie weggelokt. Hij wachtte bij het postkantoor in Ravenstein tot de postbestellers naar huis waren. Toen hij daarna, met een doek voor zijn gezicht, geknield voor de brandkast van het postkantoor zat, kwam de beheerder, de heer J. van Dieten, binnen. Toen gebeurde er Iets wat nog niet eerder gebeurd was, er viel een schot, en de volgende dag stierf de beheerder aan de verwondingen in zijn buik. En waarvoor uiteindelijk. In het geldkistje dat De Zwarte Ruiter had meegenomen zat maar 10 gulden en enkele postzegels. Die 10 gulden bleken later in het proces belangrijk, want in de krant had gestaan dat er twintig gulden in het kistje zat, maar De Zwarte Ruiter wist dat het er maar 10 waren. Zo’n tragedie als deze overval, had Brabant, ja heel Nederland, nog nooit meegemaakt! De kranten stonden er in heel Nederland vol van. U kunt dat zien aan de koppen die u op deze pagina aantreft.
De Zwarte Ruiter leek helemaal door te draaien in de laatste weken van 1954. In de oudejaarsnacht stal hij vierduizend gulden uit de kluis van de pastorie van Volkel. Op weg naar huis schepte hij op de weg tussen Boekel en Gemert, enkele minuten voor twaalf uur, de 22 jarige fietser Bart van Eenbergen uit Uden. Deze overleefde het ongeluk niet. De Zwarte Ruiter reed door, maar de politie vond de dag daarna de beschadigde auto in zijn garage. Er zat niets anders op dan weg te vluchten uit Mierlo Hout.
In de eerste dagen van 1955 pleegde hij nog wat overvallen en diefstallen met name in Noordoost en Midden Brabant. Waarbij hij op de avond van 5 januari enkele schoten loste met een stengun of pistool op een man die hem achtervolgde nadat hij een mislukte poging gedaan had diens auto te stelen in TIlburg. Gelukkig raakte hierbij niemand gewond. Vervolgens reed hij op een (natuurlijk gestolen) fiets naar Goirle, waar hij in een villa inbrak en daar een fles sherry buitmaakte. Terug in Tilburg besloot De Zwarte Ruiter opperwachtmeester Schuurmans in Mierlo-Hout te bellen en die te vertellen dat het slecht met hem ging. Schuurmans had altijd begrip getoond voor Hans. Hij adviseerde hem om zich maar aan te geven omdat er toch geen kans op ontsnappen zou zijn. Hans kon zich daarin niet vinden, want hij reageerde met "Als ik weer de cel in moet dan wordt ik helemaal gek". Op 6 januari werd hij toch gearresteerd in Hotel Schuermans aan de Spoorlaan in Tilburg. De eigenaar van het hotel had hem herkend aan de hand van een signalement in de krant en de politie gewaarschuwd.
  

klik op de afbeelding voor een vergroting.

  

De Zwarte Ruiter was al een aantal keren veroordeeld voor diverse (kleinere) vergrijpen en had zodoende al enkele keren wat tijd in de cel doorgebracht. In het proces dat nu tegen hem volgde werden hem de meest recente feiten ten laste gelegd. De belangrijkste hiervan waren:

  • Diefstal van een auto te Nijmegen op 11 november 1954;
  • Diefstal met geweld 15 november 1954 te Ravenstein, ten gevolge waarvan het slachtoffer is overleden;
  • Diefstal van een brandkast, na braak/inklimming, uit de woning van de burgemeester van Dinther op 16 december 1954;
  • Diefstal van een auto te Geldrop op 22 december 1954;
  • Diefstal van 4000 gulden, na braak/inklimming, uit de pastorie van Volkel op 31 december 1954;
  • Doorrijden na een dodelijk ongeval te Boekel op 31 december 1954;
  • Diefstal van 120 gulden, na braak/inklimming, uit een woning in Oss op 3 januari 1955;
  • Diefstal van een auto te Amersfoort op 4 januari 1955;
  • Poging tot diefstal van een auto in Tilburg, alsmede poging tot doodslag door middel van het afvuren van een vuurwapen op 5 januari 1955;
  • Diefstal van een fiets te Tilburg op 5 januari 1955;
  • en nog een twintigtal strafbare kleinere vergrijpen.
Een groot aantal hiervan heeft hij bekend, maar hij is blijven ontkennen bij de overval in Ravenstein betrokken te zijn geweest. Toch waren de bewijzen tegen hem erg sterk. Het proces vond plaats voor de rechtbank te 's Hertogenbosch op 14 juni 1956. Vanuit Mierlo-Hout was men met een speciaal daarvoor gehuurde autobus gekomen om hun beroemde plaatsgenoot te zien. Op 24 december werd DeZwarte Ruiter tot 15 jaar cel en tbr veroordeeld. Tegen dit vonnis ging De Zwarte Ruiter in beroep. In april 1957 werd het hoger beroep behandeld. Daar kon De Zwarte Ruiter niet bij zijn, want hij was op 13 april ontsnapt uit de gevangenis van Scheveningen. Vandaar dat het arrest waarin het vonnis werd bekrachtigd op 8 mei 1957 bij verstek werd uitgesproken.

  Het Vrije Volk, 15 april 1957.De Telegraaf, 15 april 1957.
klik op de afbeelding voor een vergroting.

De Telegraaf 15 april 1957.

Ik kom niet terug!

klik op de afbeelding voor een vergroting.

klik op de afbeelding voor een vergroting.

Het Vrije Volk, 18 mei 1957.


De ontsnapping van De Zwarte Ruiter was weer nieuws van nationaal belang. In de Tweede Kamer zijn er zelfs vragen over gesteld aan de minister van Justitie, prof. dr. I. Samkalden. Het was dan ook een spectaculaire ontsnapping die paste bij het imago van de ouderwetse boef dat hij had opgebouwd. Met een handvijl heeft hij een spijl uit de traliebeveiliging doorgevijld, waarna hij door een kleine opening naar buiten kon klimmen. Met behulp van een zelfgemaakte touwladder klom hij over de muren van de gevangenis zonder dat de bewakers hem opmerkten. In een naburige wijk stal hij een grote Amerikaanse auto (want met veel minder deed hij het niet) en hij reed ermee naar zijn vrouw en zoontje in Mierlo-Hout. Hier kon hij natuurlijk niet zo lang blijven, omdat zijn ontsnapping leidde tot een klopjacht die zich natuurlijk ook direct richtte op zijn oorspronkelijke woonplaats.

Het Vrije Volk, 17 april 1957.
Utrechts Nieuwsblad, 18 mei 1957.



klik op de afbeelding voor een vergroting.


Hij zocht zijn onderkomen, onder de naam Flip Sanders, in Utrecht en later in Rotterdam in de Orchideestraat bij een ex-medegedetineerde. Daar werd hij – ondanks zijn vermomming waarbij hij zijn zwarte haar zelfs rood had laten verven – op 17 mei 1957 door de politie getraceerd en opgepakt. Dit gebeurde zonder geweld. Toen hij werd gearresteerd reageerde De Zwarte Ruiter met “pech gehad” en liet zich geboeid wegvoeren. In zijn kamer werden wel een stengun en patronen aangetroffen maar die zijn niet gebruikt. De arrestatie verliep dus helemaal zonder geweld, hoewel een aantal kranten er een echt wild west tafereel van maakten. In het Utrechts Nieuwsblad staat een en ander mooi beschreven. Wil u dat artikel lezen klik dan hier.

Het Vrije Volk, 18 mei 1957.
Dat De Zwarte Ruiter, zijn daden, zijn eerste arrestatie, zijn ontsnapping, zijn veroordelingen en zijn tweede arrestatie nieuws van nationaal belang was, had ook een neveneffect. Hij was beroemd en berucht. Anderen trachten mee te liften op zijn beruchtheid en gaven zich voor hem uit. Er zijn verschillende ‘valse’ zwarte ruiters geweest die probeerden hem te kopiëren of die, gebruik makend van zijn naam, slachtoffers geld afhandig wilden maken, zoals uit het krantebericht hiernaast blijkt.

   klik op de afbeelding voor een vergroting.

En toen .....

kon De zwarte ruiter, nadat hij weer was opgepakt, beginnen aan het uitzitten van zijn straf. Hij bracht zijn detentietijd grotendeels door in De Koepel, de bekende gevangenis in Breda. De cassatie die hij aangetekend had bij de Hoge Raad tegen het arrest van het gerechtshof, leidde niet tot strafvermindering. Op 10 september 1957 oordeelde het hoogste rechtscollege van ons land dat alle cassatiemiddelen ondeugdelijk waren en verworpen moesten worden. Het verweer van De Zwarte Ruiter (of althans zijn raadsman) dat de straf, gezien de mate van toerekeningsvatbaarheid van de verdachte, te hoog was, vond geen gehoor. Het arrest, dan geciteerd kan worden als "zwarte ruiter arrest", gaf aan dat de mate waarin een veroordeelde gestraft mag worden niet alleen afhangt van de strafbare feiten zelf, maar ook van de omstandigheden. De Hoge Raad vond de TBR als straf niet voldoende en daarmee de gevangenisstraf als gerechtvaardigd. De straf stond daarmee onherroepelijk vast.

 
De Telegraaf, 3 september 1966.







klik voor vergroting

Hoes van de single van de Zingende Ruiter.

Weer Vrij

In de gevangenis heeft De Zwarte Ruiter zijn middenstanddiploma gehaald, Frans geleerd en zanglessen gehad van de bekende celliste Regina Grelinger. In juli 1966 had Gruijters 2/3 van zijn straf erop zitten, daarmee kwam een einde aan zijn gedwongen verblijf in de gevangenis en werd hij vrijgelaten. Over de tbr werd blijkbaar niet meer gerept. Vrij snel na zijn vrijlating nam hij samen met producer Addy Kleijngeld uit Helmond een grammofoonplaat op. Hij wist daarmee het toen populaire televisieprogramma "Voor de vuist weg" van Willem Duys te bereiken. Maar ondanks dat werd het geen groot succes. Wellicht is het wel de kentering geweest naar een andere manier van leven van Hans Gruijters. De titel van één van de nummers was “Geef mij een kans” waarmee hij vroeg om een nieuwe kans om zijn leven vorm te geven. Het andere nummer was een nummer op tekst en muziek van Gert Timmermans en draagt als titel “Mijn Moeder” waarmee hij een eerbetoon brengt aan zijn moeder.

Single Geef mij een kans.

   Klik hier voor de liedtekst   
   van "Geef mij een kans".  
Single Mijn moeder.

   Klik hier voor de liedtekst
  van "Mijn moeder".

U kunt beide nummers beluisteren via deze site. Gebruik de spelers onder de singleafbeeldingen hierboven. U kunt via de links daaronder tekst van de liedjes inzien.

Hans trouwde voor de tweede keer, zijn eerste vrouw liet zich van hem scheiden toen hij in de gevangenis zat. Zijn tweede vrouw Mieke kwam ook weer uit Mierlo-Hout. In de jaren die volgenden is Hans verhuisd naar het Gelderse Rumpt waar hij zijn intrek nam in de notariswoning. Zijn voorliefde voor groot en uiterlijk vertoon was hij duidelijk niet kwijtgeraakt. Samen met zijn Mieke heeft hij een schoonmaakbedrijf opgezet dat op enig De Telegraaf, 28 oktober 1980.moment circa 35 personeelsleden in dienst had. Zover bekend heeft hij het rechte pad nooit meer verlaten. En had hij met Mieke en hun dochter een mooi leven Op 24 oktober 1980 overleed Hans Gruijters, op een manier die passend genoemd mag worden voor De Zwarte Ruiter. Hij stierf namelijk gezeten op zijn paard aan een hartaanval.
Detail van de grafsteen op het kerkhof in Rumpt
Klik op de afbeelding voor een foto van de grafsteen.
 

Het schrikbeeld van de armoe, de misère uit zijn kinderjaren, droeg hij steeds met zich mee. Met alle middelen probeerde hij aan een miserabel leven te ontkomen. Zijn hang naar romantiek, de dromen uit zijn jeugd, hij wilde er gestalte aan geven. Tijdens het harde gevecht om een menswaardig bestaan, troostte hij waar getroost moest worden, hierp hij waar hulp nodig was.
Zo bleef hij mens onder de mensen.

(fragment uit zijn bidprentje)

 

Ter gelegenheid van zijn 30ste sterfdag heeft zijn vrouw een melding gepost op een website, waaruit blijkt dat zijn familie hem zeker niet vergeten is:

"Afgelopen zondag 24 oktober, was mijne Hans 30 jaar overleden, tot op de dag van vandaag hou ik van die mens ,mijn dochter was negen jaar oud toen Hans overleed, ze heeft inmiddels, zelf twee kinderen, ook haar kinderen die weten dat opa is dood gegaan, gaan mee naar het graf van Hans. Ook in ons dagelijkse leven hoort HANS ER BIJ."
(Mieke)


Dat het verhaal van de Zwarte Ruiter blijft voortleven blijkt wel uit het feit dat er al meerdere malen een toneelvoorstelling gemaakt is naar aanleiding van het  leven en de activiteiten van deze roemruchte figuur. Meestal worden de voorstellingen gespeeld door amateurgezelschappen in Brabant. Ook in 2014 is het aan de orde. De toneelgroep St. Genesius uit Helmond brengt het verhaal op de planken van het Speelhuis in oktober van dit jaar. U ziet hiernaast de affiche staan. Als u daarop klikt wordt u doorgelinkt naar de site van St. Genesius. Helemaal rechts staat een link naar een Youtube trailervideo van een eerdere uitvoering in Breda door Theater 't Ros (2013). Voor de Heemkundekring Myerle heeft Rinie Weijts op 12 juni 2014 een lezing gegeven over De Zwarte Ruiter, dit is mede de reden voor de totstandkoming van deze pagina.

In 1984 is ook een Nederlandse film gemaakt door Wim Verstappen met als titel De Zwarte Ruiter, maar de verhaallijn van deze film komt niet overeen met het verhaal van "onze" Zwarte Ruiter

Affiche St. Genesius Helmond (2014) Affiche Theater 't Ros (2013)
  

Wilt u nog meer informatie lezen over De Zwarte Ruiter dan kunt u daarvoor een knipselkrant raadplegen samengesteld door HKM met dank aan de Nationale Bibliotheek. Klik daarvoor hier.
Via het BHIC is een levensbeschrijving beschikbaar, geschreven door Frans Ceelen, die kunt u hier vinden.


Ontwerp: Beeldmerk 
	ViziVormViziVorm | Realisatie: Bullit beeldmerk Apart InternetApart Internet | Webmaster: Hans Verhees